door Maaike Blom | Blog
Vandaag ga ik samen met mijn collega naar een zorgelijke thuissituatie die zich voordoet bij twee oudere dames in de wijk. Ik had geen idee wat mij te wachten stond en was nogal gespannen.
Mijn collega belde aan en daar stond ze. Een oudere dame, klein en extreem mager. Met verdrietige ogen keek ze me aan en nodigde ons uit om naar binnen te komen. Met een bonkend hart deed ik de deur achter mij dicht, nadat ik voorzichtig een stap in het huis zette. Ik kon niet geloven wat ik zag.
Het huis was donker. Gordijnen waren dicht. Op een stoel zat een andere dame. Onderuitgezakt, ogen gesloten en zwaar ondervoed. Ik keek naar mijn collega. Pure onmacht. Hoe heeft het zo ver kunnen komen?
Wilt u erover praten?
Ik slik de brok in mijn keel weg. "Wilt u erover praten?" vraag ik aan één van de dames. Mevrouw knikt en ik ga naast haar op de bank zitten. Zachtjes begint ze te huilen en met haar benen te wiebelen. Het is stil. De juiste woorden om te zeggen kon ik niet vinden op dit moment. Ik besluit een arm om mevrouw heen te slaan. Na een paar minuten in stilte te zitten besluit ik te vragen wat er is gebeurd. Rustig begint ze te vertellen dat beide dames te laat om hulp hebben gevraagd en ze nu in deze situatie zitten, waarbij ze beide (gedeeltelijk) afhankelijk zijn geworden voor de zorg.
"Jullie zijn schatten, echt schatten, allemaal."
Afhankelijkheid iets waar veel mensen moeite mee hebben. Begrijpelijk, maar deze situatie grijpt mij enorm naar mijn hart. Vragen spoken de hele tijd door mijn hoofd. Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Hoe is dit zo ver kunnen komen? Waar waren de naasten? Hebben de dames nog mensen in beeld? Hoe nu verder..?
Ik hoor vanuit de andere kant van de kamer zacht gekreun. "Jullie zijn schatten, echt schatten, allemaal. Wat ben ik blij dat jullie er zijn." Deze woorden raken mij.. Het is niet eerlijk.. ik had er al eerder geweest willen zijn. Ik mag dit niet aan mijzelf verwijten. Ik ben een student en dit is mijn tweede stagedag in de wijkzorg.
Kwetsbaarheid.
Mijn collega voorziet beide dames van eten en drinken en zorgt voor wat licht in het donkere huis. Ik slik een keertje goed en geef beide dames een hand. "Jullie zijn schatten", zegt mevrouw voor de tweede keer. Ik glimlach voorzichtig met tranen in mijn ogen.
Wanneer ik eenmaal buiten sta laat ik mijn tranen lopen en zoek ik steun bij mijn collega, die het net als ik moeilijk heeft. Ik had nog meer willen doen voor de dames, maar ik heb niet meer kunnen doen op dat moment. Lichamelijk contact en een luisterend oor is het belangrijkste wat ik voor beide dames kon betekenen.
Reactie plaatsen
Reacties
Het begin is gemaakt. De wijze waarop jij de situatie beschrijft is zeer beeldend. Het laat zien hoe het er helaas aan toe kan gaan in de thuissituatie van kwetsbare medemensen.